Sneeuw! (2)

Niet origineel om een verhaal voor de tweede keer deze titel te geven, maar dat neemt niet weg dat ik het net zo hard uit had willen roepen als de vorige keer (als het niet harder is). Nog geen week geleden beklom ik met Luka een rotsige Salève, die alleen op de top wat sporen van oude sneeuw vertoonde. Kijkend uit het raam deze morgen blijkt de hele berg echter wit! Achteraf gezien is dat niet verrassend, want de dichtheid van het wolkendek dat gisteravond de top verhulde, was buitengewoon. Het moet haast wel de hele nacht gesneeuwd hebben rond die berg, want zelfs de vrijwel verticale, lichtbruine rotswanden doen bijna volledig wit aan. Het verschil in weer blijft voor mij apart: ik bevind me op nog geen kwartier fietsen van de voet van die berg, maar in deze omgeving is geen vlokje te bekennen...

Een half etmaal verder: een nog hardere uitroep! Terwijl ik rond een uur of half één 's nachts de universiteit verlaat, dalen de vlokjes op me neer! Het sneeuwt waarschijnlijk nog niet zo lang, want alleen de bermen beginnen zachtjes aan wit te kleuren. Toch is het een mooie, sprookjesachtige verrassing na zo'n eerste scanavond! Sneeuw maakt het in mijn ogen altijd veel minder laat op de avond lijken, terwijl desalniettemin de wereld een beetje stil lijkt te staan.

Hard doortrappend (al fietsend is de sneeuw helaas minder prettig, het hindert veel meer dan regen je vermogen om vooruit te kijken) blik ik nog even terug op het experiment. Hoe soepel is het allemaal wel niet begonnen? De inleiding, het aanbrengen van de kap, het ging allemaal geweldig! Zelfs de wisselstroomweerstand van elektrode PO9 (verwijst naar een plekje op de schedel) werkte mee vandaag! (Toelichting: de weerstanden moeten voldoende omlaag gebracht worden, maar om een of andere reden waren we er bij deze elektrode nog nooit in geslaagd de mate van die weerstand ook maar enigszins te veranderen - we dachten eigenlijk al dat hij stuk was.) Bij het uitvoeren van de weerstandsmeting werden we blij verrast: het computerscherm toonde slechts blauwe rondjes (blauw geeft aan dat de weerstand perfect verlaagd is). Eenmaal in de scannerruimte begonnen echter de tegenslagen. Het apparaat dat de oogbewegingen volgt, werkte niet. Gelukkig is dat voor ons geen belangrijke meting, dus besloten we, toen Virginie er eenmaal was om toe te zien op het goede verloop van het experiment, om door te gaan zonder deze metingen. Daarna ging het een half uurtje goed. We liepen zelfs behoorlijk voor op schema. Aan het eind van de tweede spelletjesronde bevroor echter het beeld tijdens het zwarte ‘rustscherm'. Terwijl we ons afvroegen of het scherm nu niet opvallend lang op zwart bleef staan (langer dan de geplande 90 seconden), ging de alarmbel. Blijkbaar vond ook onze proefpersoon dat de pauze wel lang genoeg had geduurd. Het computerscript (dat inderdaad vastgelopen bleek) werd gestopt. Een poging de fout snel op te sporen met behulp van de foutcode bleek weinig zinvol, die was namelijk niet veelzeggend. En dus werd in een supersnelle Franse conversatie van Avi en Virginie het volgende besloten. De metingen van de tweede spelletjeshelft zijn door de fout onbruikbaar geworden, maar als we niettemin de gewenste omstandigheid zouden kunnen creëren (het wel/niet winnen van bepaalde spellen), dan zouden we wel degelijk gebruik kunnen maken van de slaapdata die we nog zouden vergaren. Zodoende werd, terwijl de proefpersoon geduldig tien minuutjes op ons wachtte in de scanner, een powerpoint-knutselwerkje gefabriceerd dat aan de proefpersoon werd verkocht als ‘oude versies van de spellen'. En het werkte! Ze won wat ze winnen moest, verloor wat ze verliezen moest en had niet eens echt door dat het allemaal maar nep was. De MRI-scanner hadden we dan ook laten draaien tijdens deze laatste minuten, ook al zijn de beelden onbruikbaar. Zelfs na deze hele improvisatie liepen we nog voor op schema. De pauze voor de slaapfase was daarom lekker relaxt. Met het aanbreken van de slaapfase start het ‘saaie' gedeelte van het experiment. Doordat het apparaat voor de oogbewegingen niet werkte, konden we niet zien of de proefpersoon af en toe de ogen opende. Aan de EEG-metingen zou je moeten kunnen zien of iemand slaapt, maar het lukte ons niet dat ter plaatse te beoordelen. De MRI-scanner zorgt namelijk voor grote fouten in het signaal, waardoor het onleesbaar wordt. Als je die er uit weet te halen, dan kun je het signaal weer lezen, maar dat lukte Virginie niet in het programma waarmee je gelijktijdig aan het meten het signaal kunt bekijken. Het gevolg hiervan was dat we bijna een uur in stilte hebben gewacht. Intussen werd de stemming wel steeds beter, want vrijwel niemand wil na zo'n heel experiment nog zo lang in de scanner blijven liggen terwijl hij wakker is... Toen het uur bijna rond was, werden we opgeschrikt door de communicatiesignalen. Jawel hoor, driemaal knopje 4, 'ik wil er graag uit'. En huppakee, binnen vijf minuutjes was het geregeld, begon de proefpersoon aan het wassen van haar gezicht en begonnen wij aan het opruimen. Na de debriefing, waarbij ik me toch wat slaperig begon te voelen (Frans meeluisteren vraagt nog steeds veel van mijn concentratie en is extra slaapverwekkend als je slechts een passieve toeschouwer bent), restte mij nog het o zo leuke wassen van de EEG-kap, maar daarna kon ik dan ook echt weg,

Niet verrassend heb ik daarna heerlijk geslapen. Al bij het eerste wakker worden (lang voordat ik moest opstaan) zag ik door mijn raam dat de grond wit was. Dat wil wat zeggen, want dat kleine stukje tuinbodem waar ik op uitkijk, is behoorlijk beschut. 'Als dat al zo duidelijk wit is, dan zal er wel een pak sneeuw gevallen zijn', dacht ik terwijl ik me voor nog twee uurtjes omdraaide. Heerlijk is dat, lekker mogen uitslapen op je werkdag. Even na half tien was het dan toch tijd om op te staan en te aanschouwen hoe het er buiten voor stond. Nog voor ik dat kon doen, kwam ik Renata tegen, de huidige schoonmaakster. Die riep me al meteen toe 'wat een sneeuw, hè', dus als ik nog twijfelde, was dat nu wel over. Eenmaal boven aangekomen, kon ik haar geen ongelijk geven. Aan de tafel te zien was er gedurende de nacht een pak van minsten 15 centimer gevallen. En het sneeuwde nog steeds!

Renata heb ik volgens mij nog niet eerder genoemd. Zij en Kristina wisselen elkaar steeds voor enkele maanden af. Nog voordat ik haar ook maar gezien had toen ik half januari terug kwam, vond ik haar al geweldig. Bij aankomst bleek er een extra stofzuiger in de wasruimte beneden te staan en was die oude rode, die altijd zo stinkt naar hondenharen als je hem gebruikt (ook als je stofzuigerzak en filter vervangt), ver naar achteren geschoven. Wat luchtjes betreft is de nieuwe oude stofzuiger een ware verbetering. 't Bleek echter niet alleen de stofzuiger die het leuk maakte dat Renata er is. Renata zelf is een vrolijke jonge meid van (ik geloof) 27 en spreekt goed Duits. Wat een verademing is dat, zeg, om gewoon normaal te kunnen praten met iemand die je gedurende de dag misschien nog wel het vaakst tegenkomt in dit huis! Daarbij is ze ook heel gezellig. Ze staat zeker een half uur eerder op dan Kristina altijd deed, en aangezien ik sinds mijn terugkomst de meeste dagen ongeveer een half uur later was dan in november en december, ontbijten we vaak tegelijkertijd.

Renata heeft alleen niet zo veel geluk gehad met haar komst hier. Een klein sneetje in haar hand nadat ze uitschoot bij het koken bleek de volgende dag een blauwe vinger en gezwollen hand opgeleverd te hebben! Na een langdurige overhaalsessie van Jessica durfde ze dan toch met haar mee naar de spoedeisende hulp. Laat op de avond keerde Jessica alleen terug; Renata zou, als er plaats was, de volgende dag geopereerd worden! Zo'n klein sneetje met zulke ernstige gevolgen, echt bizar! Bij de operatie de volgende dag zou blijken dat een slagader, ader en zelfs deels een zenuw waren beschadigd. Inmiddels loopt Renata alweer zo'n twee weken met een spalkje om haar hand rond. Etenswaren snijden waarbij je die met je ene hand moet tegenhouden, gaat niet, en dus leert haar man Kamil de kneepjes van het eten bereiden. Laatst kreeg hij uitvoerig les in het in blokjes snijden van mango's. Stofzuigen is ook moeilijk voor Renata, omdat je de stofzuiger bij het verplaatsen van verdiepingen nu eenmaal met twee handen moet tillen. De rest is wel te doen, maar dit gaf Susanne in ieder geval genoeg zenuwen om Kristina te polsen of zij niet weer terug zou kunnen komen. Half februari vertrekt Kamil namelijk, die is seizoensarbeider in Duitsland. Omdat het onzeker is hoe snel Renata zal herstellen, zou Susanne liever het zekere voor het onzekere nemen... Ik weet het niet... ik heb ook geen idee hoe snel de functionaliteit weer terug komt in die hand, maar ik hoop van harte dat het snel genoeg is... Liever maak ik de tijd hier af met Renata... Kristina kan overigens toch niet eerder dan 1 maart komen, dus wie weet brengt tijd de redding.

Terug naar de titel. Hoewel die in mijn beleving geenzins is bedacht door het uitje dat ik afgelopen zondag heb gedaan, past het er ten zeerste bij. Ergens vorige week vroeg Ewa (een collega hier) of ik plannen voor zondag had. Nou nee, niet echt specifiek. Of ik dan mee wilde op raquettes. Watte? Na driemaal vragen wat ze zei, moest ik tot de conclusie komen dat ik het woord simpelweg niet kende. 'Dat is wat mensen die niet skieën hier in de winter doen', luidde de uitleg. De foto's die ze tevoorschijn toverde, boden meer duidelijkheid. Er blijkt hier een vereniging voor deze zogenaamde sneeuwschoentrektochten te zijn, mede geleid door ene Bert Verstappen, oorspronkelijk afkomstig uit Maastricht (wist Ewa me te vertellen). Ewa was al eens eerder mee geweest op een trektocht of ‘normale' wandeling, maar herinnerde zich nu pas weer het bestaan van de vereniging.

Het aanbod mee te gaan klonk al direct aanlokkelijk. Het leek me wel wat om weer een lekkere wandeltocht te maken, maar dan dit keer in de sneeuw. De prijs overtuigde me nog meer. Voor een luttele € 5 mag je als niet-lid mee en daarnaast word je nog geacht een bijdrage te leveren aan de benzinekosten van de bestuurder met wie je meerijdt. Na een bevestigingsmail van Bert ging afgelopen zondag zodoende om 7.15 uur de wekker. Wat een tijd voor een zondag, maar geen seconde heb ik dat betreurt! Even in het berghok wat skistokken bij elkaar scharrelen en klaar was ik om weg te gaan. Aangekomen bij de parkeerplaats bij een noordelijkere Frans-Zwitserse grens in Gaillard was ik al licht bezweet in mijn geleende skibroek. Het windje op de parkeerplaats in het midden van het centrum deed mijn tenen bevriezen, en ik begon lichtjes te vrezen dat ik het misschien wel erg koud zou krijgen. Ik had immers geen winddicht jack aan, maar mijn ‘gewone' winterjas. De weersvoorspellingen die anderen hadden opgezocht (gevoelstemperatuur van -6 bovenop de berg waar we heen zouden gaan), waren ook niet bepaald een prettig vooruitzicht. Gelukkig bleek de gedachte waarmee ik mezelf de hele ochtend probeerde gerust te stellen ('maar als je beweegt, krijg je het vanzelf warm') inderdaad de waarheid en heb ik het amper koud gehad, afgezien van het einde van de lunchpauze op de op van Sur la pointe (Bellevaux).

Zover is het echter nog niet. Een internationale groep mensen verzamelde zich gedurende een half uur wachten op de parkeerplaats, een goede afspiegeling van de bevolking van Genève. Behalve Bert waren er geen andere Nederlanders, maar toch heb ik een tijdje Nederlands gesproken. Er was namelijk een Pools stelletje dat een aantal jaar in Rotterdam heeft gewoond (de jongen deed daar zijn promotieonderzoek in 't Erasmus MC). Met name het meisje sprak goed Nederlands. De stoet auto's vertrok op weg naar het plaatsje Mégevette op ongeveer een uurtje rijden van de parkeerplaats vandaan (over B-wegen). Daar streken we voor een kop koffie of warme chocolademelk (in mijn geval aangevuld met een overheerlijk, echt croissantje) neer in een cafeetje. Ook de betalingen volgden daar en het was mogelijk er sneeuwschoenen te huren tegen een belachelijk goedkoop tarief. De mensen die ze eerder al in Genève hadden gehuurd, moesten vast spijt gehad hebben! Mijn tenen waren al niet meer bevroren toen we daar aankwamen, maar opgewarmd met chocolademelk voelde ik me nog beter voorbereid om te gaan. Het begin van de tocht was nog een klein stukje rijden van dit plaatsje vandaan.

Eenmaal aangekomen, was het tijd om de sneeuwschoenen om te binden. Gelukkig gaat dat stukken makkelijker dan mijn stroeve skischoenen. De sneeuwschoenen blijken handige trucjes te hebben, zoals een blokje dat je kan omklappen en dat onder je hak terecht komt, waardoor je hielen hoger staan. Dit is vooral heel prettig als je een stuk steiler omhoog zou moeten.

In het begin was dat echter nog niet het geval, we liepen gewoon in colonne achter elkaar aan over een pad de berg op. Het was al gauw duidelijk dat we niet voor het uitzicht kwamen. Een dicht wolkendek verhulde alles wat verder dan 40 meter weg was. Op een gegeven moment stonden we daar, aan de voet van de aangekondigde helling. Door de mist konden we nog niet zien hoe lang het steil zou blijven, maar we waagden ons er dapper aan. Het bleek eigenlijk niet zwaarder dan een gewone bergwandeling en is door de sneeuwschoenen veel gelijkmatiger voor gewrichten, maar niettemin ging mijn hart goed tekeer en hoefde ik echt niet meer bang te zijn voor kou. Bovenaan het steile stukken hielden we even pauze terwijl we wachtten tot de laatste van de groep ons hadden ingehaald. Het op de tong laten smelten van wat rijp van een rozebottelstruik bracht verkoeling.

Op naar het laatste gedeelte van de tocht. Hoewel dit veel minder steil was, vooral omdat we al zigzaggend naar boven gingen om de groep niet uiteen te laten vallen, was het niet het gemakkelijkste stukje. De sneeuw werd er stukken hoger en we stapten eigenlijk volledige verse sneeuw in.

Dat maakte vooral de keerpunten in de zigzaggen lastig. Samen met iemand ander besloot ik de zigzaggen maar te laten voor wat het was en gewoon weer recht naar boven te lopen. Iedere 1,5 meter moesten we dan even pauze houden omdat we anders vóór de leider uitkwamen, maar dat liep toch wat prettiger. Terwijl de dikte van het pak sneeuw en het wegtrekken van de ergste bewolking zorgde voor een prachtig winterwonderlandschap, bereikten we ineens de top.

Dat mocht ook wel, want het was half 2 en dus wel lunchtijd. Na de lunch brak het vervelendste gedeelte van de tocht aan. Terwijl vrijwel ieders eten al op was, duurde het nog zo'n vijftien minuten voordat we aan de afdaling begonnen. In die tijd bevroren vingers en tenen van menigeen... Mijn tegen bleven gelukkig bespaard, ondanks de al wat natte schoenen, maar mijn vingers prikten net zo hard mee. Gebruikmakend van de nordic-walking-truc om je vingers te stekken bij het vooruit slingeren van arm en stok, wist ik dat echter in zo'n tien-vijftien minuten na het begin van de afdaling weer op te heffen.

Van tevoren had ik me afgevraagd of er een speciale truc was voor het lopen met sneeuwschoenen, zoals je bij langlaufen wel hebt. Dat bleek niet het geval, het was eigenlijk gewoon normaal naar boven lopen. Vooral bij de afdaling merkte je echter het speciale nut. Hoewel ze van voren afgerond zijn als ski's, hebben ze daaronder recht naar voren stekend metalen zaagtand-uitsteeksel dat voorkomt dat je meer dan een centimeter of drie naar beneden glijdt. De afdaling verwerd daarmee tot een heel gelijkmatig schuifstappen, waardoor je gewrichten en spieren geenzins de belasting ondergaan die een normale wandelafdaling met zich meebrengt. Dat uitte zich de volgende dagen dan ook in de afwezigheid van spierpijn. In iets meer dan de helft van de tijd die de beklimming duurde, stonden we weer beneden. Dit keer werd er stukken minder getreuzeld en reden wij als een van de eerste auto's terug naar het cafeetje in Mégevette. De sneeuwschoenen werden ingeleverd, de volgende kop warme drank werd achterovergehaald en het was tijd om afscheid te nemen van nieuwgemaakte vrienden. Al doezelend in de auto bereikten we in no-time Gaillard, waarna mij nog een fris fietstochtje restte. Thuisgekomen warmde een snelle douche me weer helemaal op en kon ik nog net op tijd aanschuiven bij het avondeten. Wat een heerlijke dag was dat!

Tijdens de wandeling en in de auto hebben we nog hardop uitgesproken hoe bijzonder het eigenlijk is dat je je de hele dag in een 'vlakke' stad bevindt omringd door bergen, maar zonder dat je echt een wintergevoel hebt, terwijl je met een uurtje rijden alle richtingen uit in winterwonderland terecht komt.
Na de sneeuw van afgelopen maandagnacht voelt die stelling echter eventjes niet meer helemaal terecht, maar de ligging van Genève blijft nog steeds bijzonder. Ik heb op zo'n dag (ook in december bij het skiën) echt het gevoel dat je mijlenver weg bent, helemaal ontsnapt aan het leven van alledag.

Reacties

Reacties

Edwin

Mooi sneeuwverhaal, leuk al die nieuwe kennissen...

{{ reactie.poster_name }}

Reageer

Laat een reactie achter!

De volgende fout is opgetreden
  • {{ error }}
{{ reactieForm.errorMessage }}
Je reactie is opgeslagen!